Aggregatieniveaus voor arrangementen en arrangeren

Arrangementen hebben een aantal specifieke kenmerken als het gaat om opbouw, gebruikscontext en doelgroep. Deze kenmerken hebben te maken met het doel van  een arrangement.

Een definitie formuleren die tegemoet komt aan de grote variëteit van toepassingen is niet eenvoudig. Om in toekomstige ontwikkelingen rondom arrangeren een eenduidig begrippenkader aan te geven heeft SLO een definitie van arrangementen geformuleerd op basis van bestaande arrangementen en discussie met inhoudsdeskundigen op het gebied van leerplanontwikkeling, uitgeverijen en vakverenigingen. De definitie die door SLO (SLO, 2009[1], Strijker, 2010[2]) gebruikt wordt luidt:

Arrangeren is het beredeneerd selecteren en combineren van leermiddelen voor onderwijs.
Een aanscherping op de definitie is door SLO geformuleerd in 2011 (Ekens[3]):
Arrangeren is het beredeneerd selecteren, combineren en bewerken van leermiddelen voor onderwijsdoeleinden.

Bij het arrangeren is de omvang van het te ontwikkelen arrangement van belang. Met aggregatieniveau wordt de grootte  of granulariteit van het arrangement aangegegeven. In het content-zoekprofiel worden vier aggregatieniveaus onderscheiden. Hierbij zijn de aggregaties vergelijkbaar met arrangemente van de volgende omvang.
  • Aggregatieniveau 1, een tekst, plaatje of videofragment
  • Aggregatieniveau 2, een les
  • Aggregatieniveau 3, een lessenserie of methode
  • Aggregatieniveau 4, een opleiding voor een certificaat of diploma
Voorbeelden hoe dit vormgegeven kan worden in arrangementen en leerlijnen zijn in de volgende figuren weergegeven.

Het laagste niveau is een “fragment”. Dit is leermateriaal dat los staat van een bepaalde inhoudelijke en didactische context, bijvoorbeeld onbewerkte mediagegevens zoals een enkel plaatje, een stuk tekst of een mediafragment. In relatie met leerlijnen kunnen arrangementen van aggregatieniveau 1 er als volgt uit zien:

Arrangementen van aggregatieniveau 1 op basis van een leerlijn

Een “informatie-object” is een verzameling van fragmenten van niveau 1 die bij elkaar horen. Het gaat hier dus om een webpagina, een les, een opdracht of een taak Een “informatie-object” is een verzameling van fragmenten van niveau 1 die bij elkaar horen. Het gaat hier dus om een webpagina, een les, een opdracht of een taak .In relatie met leerlijnen kunnen arrangementen van aggregatieniveau 2 er als volgt uit zien:

 Arrangementen van aggregatieniveau 2 op basis van een leerlijn

Een “leereenheid” is een verzameling van leerobjecten van niveau 2, die samen een afgeronde hoeveelheid leerstof vormen. Een leereenheid kent ook een vorm van didactische sturing. Hierbij gaat het om lessenseries en modules die voor een afgepaste tijdsperiode een geheel vormen. In relatie met leerlijnen kunnen arrangementen van aggregatieniveau 3 er als volgt uit zien:





Arrangementen van aggregatieniveau 3 op basis van een leerlijn

“Een module / cursus” vormt het hoogste niveau, bijvoorbeeld een verzameling cursussen die tot een certificaat leiden. Hierbij gaat het om gehele methodes, instructiemateriaal dat een afgerond geheel bevat voor een vak op opleiding. In relatie met leerlijnen kunnen arrangementen van aggregatieniveau 4 er als volgt uit zien:


Arrangementen van aggregatieniveau 4 op basis van een leerlijn

Voorbeelden en achtergrondinformatie
http://rekenboog.slo.nl/lessen/
http://www.slo.nl/organisatie/recentepublicaties/arrangeren/



Referenties

  • Blockhuis, C., De Boer, W., & Ten Voorde, M. (2009). Leermiddelenmonitor 09/10. Gebruiken, ontwikkelen en delen van leermiddelen 09/10. Enschede: Stichting Leerplanontwikkeling.
  • Strijker, A. (2010). Leerlijnen en vocabulaires in de praktijk. Enschede: Stichting Leerplanontwikkeling.
  • Ekens, T. (2011) Wat heeft de docent nodig. 12-18 september. p40-41.
  • SLO (2010). Cursus Curriclumontwerp. Verkregen op 26 september 2011 van
    Reference Link
  • Thijs, A., & Van den Akker, J. (2010). Leerplan in ontwikkeling. Enschede: Stichting Leerplanontwikkeling.
  • SLO (2010) Nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling. Verkregen 12 april 2010 van http://www.slo.nl.
  • SLO (2009) Leermiddelenplein. Verkregen op 12 april 2010 van http://leermiddelenplein.slo.nl
  • Trimbos, B., & Ten Voorde, M.(2010). Arrangeren digitaal leermateriaal. Enschede: Stichting Leerplanontwikkeling.

Arrangeren van leermiddelen

Definitie, opbouw, functie, gebruikerscontext, doelgroep en leerplanelementen

Arrangementen hebben een aantal specifieke kenmerken als het gaat om opbouw, gebruikscontext en doelgroep. Deze kenmerken zijn direct gerelateerd aan de functie van een arrangement. In de volgende paragrafen wordt ingegaan op de definitie van arrangeren en worden de kenmerken van arrangementen verder omschreven.

Definitie van arrangeren

Een definitie formuleren die tegemoet komt aan de grote variëteit van toepassingen is niet eenvoudig. Om in toekomstige ontwikkelingen rondom arrangeren een eenduidig begrippenkader aan te geven heeft SLO een definitie van arrangementen geformuleerd op basis van bestaande arrangementen en discussie met inhoudsdeskundigen op het gebied van leerplanontwikkeling, uitgeverijen en vakverenigingen. De definitie die door SLO (SLO, 2009[1], Strijker, 2010[2]) gebruikt wordt luidt:

Arrangeren is het beredeneerd selecteren en combineren van leermiddelen voor onderwijs.
Een aanscherping op de definitie is door SLO geformuleerd in 2011 (Ekens[3]):
Arrangeren is het beredeneerd selecteren, combineren en bewerken van leermiddelen voor onderwijsdoeleinden.
Voor professionalisering van docenten (SLO, 2010[4]) rondom arrangeren wordt verder ingegaan op de leerplankenmerken zoals Thijs en Van den Akker (2009[5]) hebben geformuleerd.
Leerlijnen kunnen als uitgangspunt worden gebruikt om leerarrangementen samen te stellen. Leerlijnen zijn door SLO (2010[6]) gedefinieerd als:
Een leerlijn is een beredeneerde opbouw van tussendoelen en inhouden, leidend naar een einddoel. Afhankelijk van de precieze functie, gebruikscontext en doelgroep variëren leerlijnen in de mate waarin implicaties voor verschillende leerplanelementen zijn uitgewerkt.
(Leer)arrangementen op basis van leerlijnen kunnen vervolgens gedefinieerd worden als:
Een (leer)arrangement is een beredeneerde opbouw van leermiddelen, leidend naar een tussendoel of einddoel. Afhankelijk van de precieze functie, gebruikscontext en doelgroep variëren leerlijnen in de mate waarin implicaties voor verschillende leerplanelementen zijn uitgewerkt.
Arrangeren is het maken van (leer)arrangementen. In een verkorte vorm ook weer te geven als:
Een arrangement is een doelgerichte selectie van leermiddelen om onderwijs vorm te geven.
Leermiddelen zijn hier alle materialen (book of non-book) die bedoeld zijn om het onderwijsleerproces vorm te geven of te ondersteunen (SLO, 2009[7]).
Figuur 1 geeft weer hoe leermiddelen gekoppeld kunnen worden aan leerlijnen om zo arrangementen te maken.
Figuur Arrangementen op basis van een leerlijn

De definitie concentreert zich op doelen en leermiddelen, en gaat in het tweede deel uitdrukkelijk in op de variëteit in toepassingen en context. Dit geeft ook meteen aan dat bij het ontwerpen van arrangementen goed moet worden geïnventariseerd welke keuzes er gemaakt worden als het gaat om de functie, gebruikscontext, doelgroep en implicaties voor de verschillende leerplanelementen van het arrangement. Arrangementen zijn uitwerkingen van leerlijnen en daardoor direct gekoppeld aan het leerplan.

Voorbeelden en achtergrondinformatie

https://www.surfgroepen.nl/personal/allardstrijker/Shared%20Documents/Prototype/index.html
https://www.surfgroepen.nl/personal/allardstrijker/Shared%20Documents/slo_leerlijnen/Rekenboog/index.html#
https://www.surfgroepen.nl/personal/allardstrijker/Shared%20Documents/slo_leerlijnen/ERKI/slo_leerlijnen.html#
http://www.slo.nl/organisatie/recentepublicaties/arrangeren/





Referenties

  • Blockhuis, C., De Boer, W., & Ten Voorde, M. (2009). Leermiddelenmonitor 09/10. Gebruiken, ontwikkelen en delen van leermiddelen 09/10. Enschede: Stichting Leerplanontwikkeling.
  • Strijker, A. (2010). Leerlijnen en vocabulaires in de praktijk. Enschede: Stichting Leerplanontwikkeling.
  • Ekens, T. (2011) Wat heeft de docent nodig. 12-18 september. p40-41.
  • SLO (2010). Cursus Curriclumontwerp. Verkregen op 26 september 2011 van
    Reference Link
  • Thijs, A., & Van den Akker, J. (2010). Leerplan in ontwikkeling. Enschede: Stichting Leerplanontwikkeling.
  • SLO (2010) Nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling. Verkregen 12 april 2010 van http://www.slo.nl.
  • SLO (2009) Leermiddelenplein. Verkregen op 12 april 2010 van http://leermiddelenplein.slo.nl
  • Trimbos, B., & Ten Voorde, M.(2010). Arrangeren digitaal leermateriaal. Enschede: Stichting Leerplanontwikkeling.

Kernleerlijnen als gemeenschappelijke kader voor ontwikkelaars en collectiehouders van leermiddelen

Kernleerlijnen, open leerlijnen, vocabulaires, standaarden, semantisch web, uitgeverijen en uitwisselbaarheid


De kerndoelen voor het onderwijs zijn voor veel docenten en uitgeverijen niet duidelijk genoeg. Daarom worden er concretiseringen gemaakt in de vorm van specifiekere tussendoelen en inhouden. In leerlijnen wordt ook nog eens aangegeven hoe de tussendoelen en inhouden leiden naar einddoelen zoals bijvoorbeeld kerndoelen. Vanuit de onderwijspraktijk wordt om praktische voorbeelden gevraagd om zodoende een beeld te krijgen van praktische oplossingen. In dit artikel wordt aangegeven hoe technische standaarden zoals vocabulaires en semantisch web een rol kunnen spelen in de relaties tussen leerlijnen, methodes en toetsing.

Waarom leerlijnen?

Het wettelijk kader bestaat in Nederland uit kerndoelen voor primair onderwijs en onderbouw voortgezet onderwijs en eindtermen voor voortgezet onderwijs tweede fase. Voor scholen, docenten en ontwikkelaars van leermiddelen zijn deze algemene kerndoelen specifieker beschreven in tussendoelen en leerlijnen om ontwikkelaars ondersteuning te bieden bij de keuzes in:
  • Inhouden 
  • Doelen 
  • Volgorde 
  • Planning

Voor leerlijnen is de volgende definitie vastgelegd:
Een leerlijn is een beredeneerde opbouw van tussendoelen en inhouden, leidend naar een einddoel.
Afhankelijk van de precieze functie, gebruikscontext en doelgroep variëren leerlijnen in de mate waarin implicaties voor verschillende leerplanelementen zijn uitgewerkt. [1][2]
Leerlijnen kunnen op verschillende manieren gebruikt worden en hebben functies zoals ondersteuning in:
  • Samenhang
  • Continuïteit
  • Planning en organisatie
  • Niveaudifferentiatie
  • Studieloopbaan-begeleiding
  • Onderwijs-benadering
  • Arrangeren

Inhouden en doelen

Inhouden zijn afgeleid van kerndoelen en gerelateerd aan vakken en leergebieden. Hierin kan de volgende structuur worden aangehouden:

  1. Vak / Leergebied
  2. Kerndoelen po, Kerndoelen vo, vo eindtermen, Beheersingsniveau
  3. Leerlijnen / Methoden
  4. Vakkernen / Kernen / Kernconcepten / Tijdvakken/ Kernvaardigheden/ Domeinen
  5. Concretisering - Leerlijnen zijn geconcretiseerd in de vorm van:
    1. Subkernen / Subdomeinen / Globale descriptor
    2. Inhouden / Onderwerpen / Begrippen / Omschrijvingen / Onderwerp
    3. Voorbeelden
    4. Tussendoelen / Gedetailleerde descriptor - De inhouden worden doormiddel van Tussendoelen voor een bepaald niveau aangegeven
    5. Samenhang op nivuea van inhouden / Subkernen / Kernen / Vakken / Leergebieden
  6. Specificatie - Tussendoelen kunnen nog verder worden beschreven in een specificatie
  7. Leermiddelen - Op basis van vakdidactiek, inhouden en tussendoelen of specificaties kunnen leermiddelen worden geselecteerd.
Vak / Leergebied MVTAkNederlands
EinddoelenA2Kerndoel 35; Kerndoel 371F
Kern
  • Luistervaardigheid
  • Leesvaardigheid
  • Gesprekken voeren
  • Spreken
  • Schrijfvaardigheid
Burgerschap
Bevolking en ruimte
Water
.....
1. Mondelinge Taalvaardigheid
2. Lezen
3. Schrijven
4. Begrippenlijst en Taalverzorging
Subkern
  • Correspondentie lezen
  • Lezen om informatie op te doen
  • Orienterend lezen
  • Instructies lezen
  • Waterkringloop
  • Rivierssysteem
  • Kust en Zee
  • Waterproblematiek
  • Water in de toekomst

1.1. Gesprekken
1.2. Luisteren
1.3. Spreken
Inhouden
  • Dagelijks leven,
    • Onderwerpen: Waystage A2,
    • Breaktrough A1
  • Publieke sector
  • Werk
  • Opleiding
  • Waterkringloop verdampen
  • condenseren
  • neerslag
  • grondwater
1. Deelnemen aan
discussie en overleg
2. Informatie uitwisselen
Tussendoel
Can do statements
De werking van de waterkringloop en elementen kunnen uitleggen
Kan de hoofdpunten volgen en kan de eigen mening verwoorden en onderbouwen met argumenten.
Kan kritisch luisteren naar meningen en opvattingen en een reactie geven.
Specificatie
  • Beheersingsniveau op bijvoorbeeld op A2, met bepaalde kerndoelen

 

Doelen

Doelen kunnen gericht zijn op:
  • Cognitie
  • Psychomotoriek
  • Affectie
  • Vaardigheden
Voor het beschrijven van doelen zie ook Ankoné (2005[3])


Leerlijnen



Kernleerlijnen en Relaties

Kernleerlijnen zijn afgeleid van het leerplan dat is vastgelegd in kerndoelen en eindtermen. De kernleerlijnen zijn een specificering van deze kerndoelen en eindtermen. De leerlijnen zijn vastgelegd in het kerncurriculum. Het kerncurriculum beschrijft op hoofdlijnen de inhouden en tussendoelen die afgeleid zijn van de kerndoelen en eindtermen.

Kernleerlijnen en Vocabulaires



Arrangementen




Leerlijnen, Methodes en Toetsing


Beredeneerde opbouw






Linked data



Referenties

  1. Strijker, A. (2010) Leerlijnen en vocabulaires in de praktijk. SLO, Enschede.
    http://www.slo.nl/downloads/2010/leerlijnen-en-vocabulaires-in-de-praktijk.pdf/download
  2. Strijker, A. (2011) Arrangeren en zoeken met leerlijnen. Verkennende studie in opdracht van het Programma 'Stimuleren Gebruik Digitaal Leermateriaal'. SLO, Enschede.
    http://www.slo.nl/downloads/2011/zoeken-en-arrangeren-met-leerlijnen.pdf/download
  3. Ankoné. H. (2005) Eindtermen formuleren.
    http://www.leermiddelenvo.nl/files/eindtermen_formuleren.doc
  4. Richtlijnen m.b.t. het formuleren van leerdoelen
    http://www.st.ewi.tudelft.nl/~mathijs/portfolio/1_ontwerpen/EindtermenAlgemeen.pdf

Authors

  • Allard Strijker
Published
Version 27
Last edited: Jul 14, 2011
Exported: May 22, 2012
Original URL: http://knol.google.com/k/-/-/36j7ab8m2hpbf/30

Een onderwijsbegrippenkader voor een digitaal curriculum

Van lijstjes met begrippen naar een datamodel voor begrippen in het onderwijs

Om het onderwijs te ondersteunen met ICT toepassingen is er een begin gemaakt met een onderwijsbegrippenkader. De bedoeling is dat dit onderwijsbegrippenkader alle begrippen en relaties bevat die voor het onderwijs relevant zijn. Als basis voor het begrippenkader worden de begrippen uit het curriculum gebruikt, zie ook http://leerplaninbeeld.slo.nl Door de grote toename van begrippen wordt het steeds moeilijker om deze huidige begrippen allemaal afzonderlijk te beheren. Door het invoeren van een begrippenkader moet het beheer eenvoudiger worden, de begrippenset eenduidiger en het gebruik daarmee eenvoudiger en op meerdere manieren toepasbaar.

Het is niet zo dat vocabulaires verdwijnen, maar de begrippen in de nieuwe vocabulaires zijn gebaseerd op één basisset van begrippen en relaties. Vocabulaires zijn daarmee deelverzamelingen of doorsnijdingen van het begrippenkader voor een specifieke toepassing in een bepaalde toepassing. Bijvoorbeeld een vocabulaire vakken voor de onderbouw havo om leermiddelen te beschrijven.

Basis begrippenkader

De basis van het begrippenkader bestaat uit drie delen:
  • Onderwijs – Het gaat hierbij om de inhoudelijke inkadering van inhouden en doelen zoals wettelijk kader, maar ook om leerlingkenmerken.
  • Organisatie – Het gaat hierbij om begrippen die de het onderwijs in organisatorische zin kunnen ondersteunen. Hierbij kan het gaan om schoolgegevens, leerlinggegevens en toetsresultaten.
  • Techniek – Het gaat hierbij om versiebeheer, relatievormen, technische voorwaarden, schermweergave en platformspecificatie.
In onderstaand figuur wordt dit weergegeven.


Basisbegrippen Onderwijs

Bij het onderwijs zijn een aantal basisbegrippen aangegeven die gebruikt worden bij het beschrijven van leerplannen. De onderwijsgerelateerde begrippen kunnen onderverdeeld worden in de volgende drie subtypen:
  • Inhoud - Wat moet er geleerd worden? (Thijs en van den Akker, 2010).
  • Leerniveau - In welke mate moet de inhoud beheerst worden?
  • Doel - Waartoe leert men? Vaak is een doel gekoppeld aan een specifieke inhoud en een specifiek leerniveau
In onderstaand figuur wordt dit weergegeven.


Als het gaat om begrippen zoals leerniveau, inhoud of doel dan worden daar ook een aantal andere begrippen mee bedoeld. In Tabel 1 worden vergelijkbare begrippen opgesomd.


Tabel 1 Vocabulaire datamodel begrippenkader

Basisbegrippen onderwijs Vergelijkbare begrippen
Inhoud Opleiding, Vakgebied, Vak, Leergebied, Programma, Educatie, Profiel, VMBO sector, Domein, Thema, Subkern, Subdomein, Subvaardigheid, Kern, Domein, Vaardigheid, Tijdvak, Leerdomein, Kerntaak, Competenties, Werkproces, Subdomein Taal, , Onderwerp, Taak, Begrip 
Leerniveau Sector , Context, Referentieniveau, ERK niveau, Onderbouw, Tweede fase, Leerjaar, Groep, Klas, Studiejaar, Leeftijd, Begaafdheid, Leerlingkenmerken zoals Cognitief, Psychomotorisch en Affectief.
Doel Kerndoel, Tussendoel, Eindterm, Can do statements, Leerdoel


Relaties tussen de begrippen

Naast het benoemen van begrippen is het voor ICT toepassingen ook noodzakelijk om de relaties tussen de begrippen eenduidig te gebruiken. In het volgende figuur worden de relaties tussen de verschillende begrippen aangegeven.


Basisbegrippen en relaties voor Inhoud

Voor het beschrijven van inhoud zijn voor de VO onderbouw een aantal basisbegrippen gebruikt. Deze basisbegrippen zijn zo gekozen dat ze voor verschillende leerplanbeschrijvingen ook gebruikt kunnen worden. Hierbij gaat hier niet alleen om opsommingen van inhouden, maar zijn ook de hiërarchie van begrippen, vakoverstijgende begrippen en algemene vakvaardigheden benoemd. In het volgende figuur zijn de basisbegrippen weergegeven.




Leerplankundige samenhang

Op termijn zal het onderwijsbegrippenkader ook de leerplankundige samenhang moeten ondersteunen. Hierbij gaat het dan ook om leerplanelementen zoals in tabel beschreven staan.

Tabel 1 Leerplanelementen
Leerplanelementen
Kernvraag
Visie
Waartoe leren zij?
Doelen
Waarheen leren zij?
Inhoud
Wat leren zij?
Leeractiviteiten
Hoe leren zij?
Rol leraar
Hoe is rol van leraar bij hun leren?
Materialen en bronnen
Waarmee leren zij?
Groeperingsvorm
Met wie leren zij?
Locatie
Waar leren zij?
Tijd
Wanneer leren zij?
Toetsing
Hoe wordt hun leren getoetst?


In onderstaand figuur worden de relaties aangegeven tussen de leerplanelementen. het figuur geeft aan dat alle elementen aan elkaar gerelateerd zijn en daarmee afhankelijk van elkaar zijn.




Curriculair Spinnenweb
Het begrippenkader rondom het onderwijs zal dan ook aan deze leerplanelementen gekoppeld moeten zijn.

Auteur(s)

  • Allard Strijker





Vocabulaires in het onderwijs

Vocabulaires zijn verzamelingen van begrippen voor een bepaalde doelgroep en gebruik. Bijvoorbeeld een lijst met onderwijskundige begrippen zodat duidelijk is wat met verschillende begrippen bedoeld wordt. Het kan gaan om een lijst met vakken, beschrijvingen van niveaus of opsommingen van werkvormen of leeractiviteiten.

Wat zijn vocabulaires

Vocabulaires zijn verzamelingen van begrippen voor een bepaald doel en gebruik.Het kan bijvoorbeeld gaan om een lijst met vakken, beschrijvingen van niveaus of opsommingen van werkvormen of leeractiviteiten. OCW heeft een gegevenswoordenboek ontwikkelt (Duo, [1]) waarin uitgebreide lijsten met begrippen staan om gegevens uit te wisselen. Elk begrip is beschreven zodat gebruikers weten wat er bedoeld wordt. Zo kunnen informatiesystemen van scholen aansluiten op bijvoorbeeld DUO, gemeentelijke database,  leerlingvolgsystemen,  naam en adres gegevens, op kwalicitatieeisen,  opleidingsgegevens,  leeromgevingen en  schooladministratiegegevens. Bij het gebruik van vocabulaires in ICT is het belangrijk dat de gegevens altijd juist zijn zodat relaties ook kloppen. Het mag bijvoorbeeld niet zo zijn dat we een leerling een jaar laten zitten omdat gegevens niet juist zijn ingevoerd.

Gebruiken van een zelfde taal

Een belangrijk uitgangspunt bij het gebruiken van vocabulaires is het gebruiken van een zelfde taal of begrippenkader. Onderstaand figuur laat zien hoe vanuit een basisset van begrippen verschillende methodes relaties te leggenzijn, maar dus ook vanuit toetsing naar dezelfde inhouden en tussendoelen te verwijzen.

Naast het leggen van relaties naar methodes en toetsing kunnen vocabulaires voor meer toepassingen gebruikt worden. Een aantal voorbeelden van functies zijn hier aangegeven.

Functies van vocabulaires

  1. Gebruik van eenzelfde taal (Overheid, [2]; Gezondheid) 
  2. Beschrijven leermiddelen (NTR, [3] SLO, [4], Cito [5]
  3. Beschrijven leerlingen (SLO, [6]
  4. Beschrijven leerplan (ASN [7], CEN [8]
  5. Uitwisselen van leerlinggegevens (Kennisnet, [9]
  6. Ontwikkelen van methodes (Kennisnet, [9]
  7. Ontwikkelen van toetsen (SLO, [10]; Cito, [11]
  8. Samenstellen van lessen en lessenseries (Wikiwijs, [12]
  9. Vervangen van lessen en lessenseries 
  10. Beschrijven van rechten (Creative Commons, [13]
  11. Waarborgen inhoudelijke samenhang 
  12. Waarborgen van didactische samenhang 
  13. Verantwoording (Duo, [1] [14]; Kennisnet, [15]
  14. Financiering (Duo, [1][14]
  15. Certificaten (Kwalificatiesmbo.nl [16], SBB [17]
  16. Trendanalyse en monitoring 
  17. Visitatie, monitoring, evaluatie, toetsing (Dotcomschool, [18]; Parnassys [19]; Simac [20]

Toepasingen van vocabulaires

  1. Zoekmachines (Wikiwijs, [12]; SLO, [4]; NTR, [3]
  2. Collecties 
  3. Leerlingvolgsystemen (Cito [21], Dotcomschool, [18]; Parnassys [19]; Simac [20]
  4. Schoolmanagementsystemen (Duo, [14]
  5. Financiele systemen (Duo, [1][14]
  6. Planning 
  7. Organisatie 
  8. Leeromgevingen (N@tschool [22]; Itslearning [23]

Soorten vocabulaires

  1. Onderwijskundig 
    1. Inhoudelijke omschrijving 
    2. Leeractiviteiten, werkvormen 
    3. Ontwerp en ontwikkeling 
  2. Organistatorisch 
  3. Technisch 
Voor alle elementen van het spinnenweb zijn verzamelingen van begrippen vast te leggen.

Voor een groot aantal elementen zijn al vocabulaires ontwikkeld. SLO vocabulaires zijn te vinden op SLO webite [24]. Daarnaast is door Kennisnet een centrale collectie met vocabulaires ingericht [25] waar de meeste vocabulaires die op onderwijs gericht zijn te vinden zijn.

Referenties

  1. DUO (2012) Gegevenswoordenboek.
    http://www.ib-groep.nl/zakelijk/schakelpunt_ocw/producten_en_standaarden/gegevensproducten.asp
  2. Overheid (2012) Taalunie wetsbesluit.
    http://wetten.overheid.nl/BWBV0002947/geldigheidsdatum_16-04-2011
  3. NTR (2012) Beeldbank schooltv.
    http://www.schooltv.nl/beeldbank/
  4. SLO (2012) Leermiddelenplein.
    http://www.leermiddelenplein.nl/
  5. Cito (2012) Domeinbeschrijvingen primair en speciaal onderwijs - onderzoek en wetenschap.
    http://www.cito.nl/onderzoek%20en%20wetenschap/achtergrondinformatie/wereldorientatie/domeinbeschrijvingen.aspx
  6. SLO (2012) Leerplanvormgever.
    https://www.surfgroepen.nl/sites/SLO/Projecten/LPVG0p4/default.aspx
  7. Achievement Standards Network (2012)
    http://asn.jesandco.org/
  8. CEN (2012) Curriculum Exchange Format .
    http://www.cen-ltso.net/Main.aspx?put=946
  9. Kennisnet (2012) Inventarisatie leerlingvolgsystemen.
    http://ictvo.kennisnet.nl/techniek/leerlingvolgsystemen
  10. SLO (2012) Leerplan in beeld.
    http://leerplaninbeeld.test.slo.nl/demo/
  11. Cito (2012) Domeinbeschrijvingen en toetsen primair onderwijs
    http://www.cito.nl/nl/onderwijs/primair%20onderwijs/alle_producten.aspx
  12. Wikiwijs (2012) Geavanceerd zoeken vo.
    http://www.wikiwijs.nl/sector/vo/complex.psml
  13. Creative Commons (2012) Omschrijvingen creative commons.
    http://creativecommons.nl/
  14. DUO (2012) Referentietabellen met instellings- en opleidingsgegevens
    http://www.ib-groep.nl/zakelijk/Gemeenten/S20_Gegevensuitwisseling/tabellen_en_links.asp
  15. Kennisnet (2012) Toetswijzer.
    http://www.toetswijzer.nl/
  16. Kwalificatiesmbo.nl (2012)
    http://www.kwalificatiesmbo.nl/
  17. Werkenbijdeoverheid (2012) Stichting Samenwerking Beroepsonderwijs bedrijfsleven, voorheen COLO
    http://www.werkenbijdeoverheid.nl/organisaties/deelnemer/?adm_pin=01150
  18. Dotcomschool (2012) Leerlingvolg- en Schooladministratiesysteem.
    http://www.dotcomschool.nl/
  19. Parnassys (2012) Leerlingvolgsysteem.
    http://www.parnassys.nl/
  20. Simac (2012) Leerlingvolgsysteem
    http://www.simac.com/nl/onderwijs/nieuws/DU271_Leerlingvolgsysteem-in-VO.aspx
  21. Cito (2012) Cito Volgsysteem primair onderwijs (LOVS)
    http://www.cito.nl/onderwijs/primair%20onderwijs/cito_volgsysteem_po.aspx
  22. Three Ships (2012) N@tschool.
    http://www.threeships.nl/pages/iip/IIP.aspx?p=3&e=71
  23. Itslearning (2012)
    http://www.itslearning.nl/
  24. SLO (2012) Vocabulaires voor onderwijs.
    http://vocabulaires.slo.nl/
  25. Kennisnet (2012) Edustandaard vocabulairebank
    http://vocabulairebank.edustandaard.nl
  26. Duo (2012) BRIN-gegevens.
    http://www.ib-groep.nl/zakelijk/Gemeenten/S20_Gegevensuitwisseling/tabellen_en_links.asp

Original URL: http://knol.google.com/k/-/-/36j7ab8m2hpbf/38

Kenmerken van leerlijnen

Definitie, opbouw, functie, gebruikerscontext, doelgroep en leerplanelementen

Leerlijnen hebben een aantal specifieke kenmerken als het gaat om opbouw, gebruikscontext en doelgroep. Deze kenmerken zijn direct gerelateerd aan de functie van een leerlijn. In de volgende paragrafen wordt ingegaan op de definitie van leerlijnen en worden de kenmerken verder omschreven.

Definitie

Een definitie formuleren die tegemoet komt aan de grote variëteit van toepassingen is niet eenvoudig. Om in toekomstige ontwikkelingen over leerlijnen een eenduidig begrippenkader aan te geven heeft SLO een definitie van leerlijnen geformuleerd op basis van bestaande leerlijnen en discussie met inhoudsdeskundigen op het gebied van leerplanontwikkeling, uitgeverijen en vakverenigingen. De definitie die door SLO (Strijker, 2010[2]) wordt gebruikt luidt:
Een leerlijn is een beredeneerde opbouw van tussendoelen en inhouden, leidend naar een einddoel.
Afhankelijk van de precieze functie, gebruikscontext en doelgroep variëren leerlijnen in de mate waarin implicaties voor verschillende leerplanelementen zijn uitgewerkt.
De definitie concentreert zich op doelen en inhouden van leren, en gaat in het tweede deel uitdrukkelijk in op de variëteit in toepassingen en context. Dit geeft ook meteen aan dat bij het ontwerpen van leerlijnen goed moet worden geïnventariseerd welke keuzes er gemaakt worden als het gaat om de functie, gebruikscontext, doelgroep en implicaties voor de verschillende leerplanelementen van de leerlijn. Figuur 1 laat de relatie zien tussen de doelen en inhouden. Het figuur laat ook zien dat er verschillende mogelijkheden zijn om een einddoel te bereiken.

Schematisch overzicht van een leerlijn

Leerlijnen zijn concretiseringen van leerplannen. Thijs en Van den Akker (2009[5]) geven een overzicht van de vraagstukken die aan leerplanontwikkeling ten grondslag liggen. Bij het ontwerpen en ontwikkelen van leerlijnen gelden dezelfde aandachtpunten als voor leerplanontwikkeling en kunnen de volgende leerplanelementen onderscheiden worden.

Tabel 1 Leerplanelementen

Leerplanelementen
Kernvraag
Visie
Waartoe leren zij?
Doelen
Waarheen leren zij?
Inhoud
Wat leren zij?
Leeractiviteiten
Hoe leren zij?
Rol leraar
Hoe is rol van leraar bij hun leren?
Materialen en bronnen
Waarmee leren zij?
Groeperingsvorm
Met wie leren zij?
Locatie
Waar leren zij?
Tijd
Wanneer leren zij?
Toetsing
Hoe wordt hun leren getoetst?

De afgelopen jaren zijn leerlijnen of doorlopende leerlijnen ontwikkeld in vele projecten van SLO, uitgeverijen en anderen. Hierbij zijn ook al verschillende definities geleverd. Zo geeft het Expertisecentrum Nederlands (Aarnoutse en Verhoeven, 2003) de definitie: “Een leerlijn beschrijft in hoofdlijnen de ontwikkelings- en leerprocessen die kinderen doorlopen op basis van gegeven onderwijsbasis”. Daarnaast geeft Freudenthal Instituut (Treffers, Van den Heuvel-Panhuizen en Buys, 2004) voor het ontwerpen van leerlijnen de volgende uitgangspunten: Een leerlijn heeft drie vervlochten componenten: 
  • de inhoudslijn - onderwijsinhouden die achtereenvolgens aan bod komen 
  • de onderwijslijn - vakdidactische aanwijzingen 
  • de lijn van de lerende - globaal overzicht van de leerprocessen van de leerlingen
Uit deze definities en uitgangspunten valt op te maken dat de functie en toepassing van leerlijnen per situatie verschilt. Volgens Letschert (2008) kunnen doorlopende leerlijnen betrekking hebben op:
  • het leren van de leerling, 
  • de continuïteit van de leerstof in een onderwijstype, 
  • de continuïteit tussen verschillende typen van onderwijs.
Er kunnen dus leerlijnen ontwikkeld worden om meer samenhang en continuïteit door leerjaren heen aan te geven, bijvoorbeeld thematisch, maar ook om specifiek een individuele leerlijn voor een leerling uit te zetten. Ook worden er leerlijnen gebruikt om leermiddelen te arrangeren en om onderwijs via een bepaalde vakdidactiek aan te bieden.

Opbouw, gebruikscontext en doelgroep

Leerlijnen kunnen op verschillende manieren worden opgebouwd. De visie op onderwijs binnen een instelling zoals een school is een bepalende factor. Hierbij valt te denken aan de wijze waarop doelen, inhouden en leeractiviteiten door docenten worden aangeboden. Dit heeft invloed op een ordening in tijd, complexiteit, thema's, concepten, onderwerpen, voortgang van de leerling en didactische aanpak en combinaties hierin. Bij doorlopende leerlijnen kan de ordening van doelen bijvoorbeeld verdeeld zijn over de acht leerjaren in het primair onderwijs of over verschillende sectoren. TULE (SLO, 2008[2]) laat zien hoe voor verschillende vakken leerlijnen kunnen worden uitgewerkt met tussendoelen in het primair onderwijs. Het Europees referentiekader voor de talen (ERK, 2009[1]) biedt een raamwerk van niveauomschrijvingen van moderne vreemde talen. De opbouw van leerlijnen kan dus op verschillende niveaus plaatsvinden. Met betrekking tot leerplannen zijn niveaus beschreven zoals weergegeven in Tabel 2.

Tabel 2 Leerplanniveaus en leerplanproducten

Niveau
Beschrijving
Voorbeelden
Supra
Landoverstijgend, internationaal
 • Europees Referentiekader voor vreemde talenonderwijs
Macro
Systeem, nationaal
• Kerndoelen, eindtermen
• Examenprogramma’s
Meso
School, opleiding
• Schoolwerkplan
• Opleidingsprogramma
Micro
Groep, docent
• Lesplan, lesmateriaal
• Module, leergang
• Leerboek, methode
Nano
Leerling, individu
• Persoonlijk leerplan
• Individuele leerweg

De tabel geeft een duidelijk verschil in functie en toepassing aan van de leerplannen. Voor het ontwikkelen en gebruiken van leerlijnen zal hier rekening mee gehouden moeten worden.
De definitie beschrijft een leerlijn als een beredeneerde opbouw van tussendoelen en inhouden, leidend naar een einddoel. In Nederland zijn de kerndoelen voor het po en de kerndoelen en eindtermen voor het vo leidend bij het formuleren van einddoelen voor leerlijnen. Doelen zijn in de meeste gevallen gekoppeld aan inhouden. Inhouden hebben betrekking op wat er geleerd moet worden en kunnen bijvoorbeeld vakken, leergebieden en thema’s zoals de tien tijdvakken bij geschiedenis zijn.
Er kunnen dus meerdere leerlijnen ontwikkeld worden die ook van verschillende tussendoelen gebruik kunnen maken. Het kan ook zo zijn dat er verschillende leerlijnen parallel lopen die relevant zijn voor een einddoel. Hierbij is het ook mogelijk dat er bijvoorbeeld voor hoogbegaafde leerlingen tussendoelen worden overgeslagen, ze sneller doorlopen of alternatieve tussendoelen nodig hebben.
Voor het primair en voortzet onderwijs kunnen de kerndoelen en eindtermen gebruikt worden om einddoelen voor leerlijnen te formuleren. Door de kerndoelen en eindtermen als uitgangspunt te gebruiken voor het formuleren van einddoelen en tussendoelen kan ook samenhang en continuïteit worden nagestreefd. De uitwerkingen voor primair onderwijs in TULE geven een aanzet hoe kerndoelen kunnen worden vertaald naar tussendoelen en leerlijnen.

Functies

De functie van een leerlijn kan per context verschillen. De context in de vorm van school of onderwijsinstelling is bepalend bij de toepassing van leerlijnen door verschillen in bijvoorbeeld visie, doelgroep en leeractiviteiten. Tabel 3 geeft de verschillende toepassingsmogelijkheden van leerlijnen weer in functies.

Tabel 3 Functies van leerlijnen
Functie
Omschrijving
Samenhang
Een leerlijn kan onderwerpen thematisch ordenen, om onderdelen van vakken te integreren en horizontale samenhang tussen vakken te stimuleren.
Continuïteit
Een leerlijn kan over verschillende leerjaren en tussen sectoren heen verticale samenhang ondersteunen. Ook: aansluiten op internationale referentiekaders.
Organisatorisch
Een leerlijn kan op basis van roostertechnische kaders leerlijnen organiseren om onderwerpen aan te laten sluiten bij stages of externe projecten.
Niveaudifferentiatie
Een leerlijn kan differentiëren in niveau van de leerling, alternatieven voor hoogbegaafden, individuele leerlijnen voor moeilijk lerenden. Op basis van leerling-profielen leerlijnen inrichten om aan te sluiten bij het niveau en interesses van leerlingen.
Studieloopbaanbegeleiding
Een leerlijn kan een studieloopbaan en de vorderingen van de leerling ondersteunen, op basis van bijvoorbeeld een persoonlijk ontwikkelingsplan.
Onderwijsbenadering
Een leerlijn kan gebaseerd zijn op een specifieke didactiek.
Arrangeren[6]
Een leerlijn kan structuur bieden om arrangementen te maken.

In veel gevallen worden meerdere functies gecombineerd binnen een leerlijn. Zo komt continuïteit en samenhang in veel leerlijnen voor als nadrukkelijk uitgangspunt.

Referenties

  1. TULE (2010) Tussendoelen en leerdoelen. Verkregen 11 april 2010 van http://tule.slo.nl
  2. Strijker, A. (2010) Leerlijnen en vocabulaires in de praktijk. SLO, Enschede.
  3. ERK (2009) Europees Referentiekader. Verkregen 11 april 2010 van http://erk.slo.nl
  4. Van den Akker, J. (2003). Curriculum perspectives: an introduction. In J. van den Akker, W. Kuiper, & U. Hameyer, Curriculum landscape and trends (pp. 1-10). Dordrecht: Kluwer Academic Publishers.
  5. Thijs, A., & Van den Akker, J. (2010). Leerplan in ontwikkeling. Enschede: Stichting Leerplanontwikkeling.
  6. Strijker, Allard. Arrangeren van leermiddelen:Definitie, opbouw, functie, gebruikerscontext, doelgroep en leerplanelementen [Internet]. Versie 18. Knol. 2011 sep. 26.
    http://knol.google.com/k/allard-strijker/arrangeren-van-leermiddelen/36j7ab8m2hpbf/18
Original URL: http://knol.google.com/k/-/-/36j7ab8m2hpbf/14